top of page
Ary Prins

Ary Prins

Grafvak:

34

geboren: 22 september 1920 in Dordrecht
overleden: 7 januari 1945 in Limmen, 24 jaar oud
burg. staat: ongehuwd
beroep: student geologie in Amsterdam
geloof: geen
vindplaats: gedenksteen 1

Zij volgden hun innerlijken gids (staat op een aparte steen onder de grafsteen)

Achtergrond

Ary Prins studeerde sinds 1939 geologie aan de Universiteit van Amsterdam en was voorzitter van dispuut Pallas van het Amsterdamse Studenten Corps.

Verzetsactiviteiten

In 1942 werd Prins door de Sicherheitspolizei (Sipo) verdacht van medeplichtigheid aan een in Delft gepleegde liquidatie van een verrader. Hij werd verhoord, mishandeld en diende zich voortaan tweemaal daags te melden bij de Sipo.


Tijdens de studentenacties in de lente van 1943 spoorde hij medestudenten aan de loyaliteitsverklaring niet te tekenen. De bezetter eiste deze ondertekening van studenten, wilden zij hun studie kunnen voortzetten. Prins verzamelde tevens voor de inlichtingengroep Rolls Royce in het hele land gegevens over vliegvelden, bunkers en dergelijke.


In september 1944 werd hij in Amsterdam door een oud-dispuutgenoot geworven om lid te worden van de Binnenlandse Strijdkrachten. Het dispuutshuis Pallas in Amsterdam werd ‘doorvoerstation’ van wapens. Diezelfde maand werd Prins tijdens het afleveren van wapens op een door de Sipo bezet adres gearresteerd. Onderweg naar kamp Amersfoort zag hij kans te ontsnappen door zich bij Laren uit de rijdende vrachtwagen te laten vallen.

Arrestatie en moord

Op 16 december 1944 werden Prins en een vriend tijdens een spionagetocht bij Barneveld gearresteerd. Prins zweeg tijdens zware verhoren, waarbij hij gemarteld werd. Zijn vriend sloeg echter door en gaf informatie over en de sleutel van het Pallashuis. Als gevolg hiervan werden op de vroege ochtend van 19 december alle aanwezigen in het huis door de Sipo gearresteerd.


Op 7 januari 1945 werd hij, met zijn broer Herbert die ook actief was in het verzet, in Limmen met acht anderen doodgeschoten als represaille voor het doden van een Duitse dienstplichtige soldaat door het verzet. De tien lichamen werden op bevel van de bezetter in een massagraf in de duinen bij Overveen begraven.

bottom of page