Gabriel PHILIPSEN

grafvak 20

Die in mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven. Joh. 11-25 B

geboren: 24 december 1918 in Haarlem
overleden: 17 februari 1945 in Halfweg, 26 jaar oud
burg. staat: ongehuwd
beroep: expeditieknecht in Den Helder
geloof: evangelisch-luthers
vindplaats: gedenksteen 3

Achtergrond

Giel Philipsen was van 1938 tot mei 1940 als dienstplichtig militair gelegerd in Schoorl. Na de capitulatie woonde hij bij zijn moeder, een weduwe, in Den Haag en was werkzaam bij de Girodienst. Later trad hij als expeditieknecht in dienst bij een stalhouder in Den Helder.

In de herfst van 1942 ontving Philipsen in het kader van de arbeidsinzet een oproep voor tewerkstelling in Duitsland. Hij onttrok zich hieraan en dook eind november onder.

Verzetsactiviteiten

In het najaar van 1944 sloot Philipsen zich aan bij de stoottroep Den Helder-Anna Paulowna van de Binnenlandse Strijdkrachten.

Arrestatie en moord

Als gevolg van verraad door een met de NSB sympathiserende dorpsgenoot verrichtte de Hafen├╝berwachungsstelle uit Den Helder op maandag 5 februari 1945 op diverse adressen in Anna Paulowna een overval. Naast drie kwartiergevers en vijftien buitenstaanders, werden twaalf leden van de stoottroep gearresteerd, onder wie Philipsen.

Zij werden overgebracht naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans in Amsterdam en op de lijst van Todeskandidaten gezet die in aanmerking kwamen voor fusillering bij represailles.

Op 17 februari 1945 werd hij in Halfweg met negen anderen, onder wie zeven leden van zijn stoottroep, gefusilleerd als represaille voor een door het verzet met een lading springstof gepleegde aanslag op de spoorlijn Amsterdam-Haarlem. Met zijn lotgenoten werd hij op bevel van de bezetter begraven in een massagraf in de duinen bij Overveen. De verrader werd op 31 maart 1945 door het verzet geliquideerd.