![]() |
Hans Smitt (‘Hendrikse’) was aan het begin van de oorlog als scheikundig ingenieur werkzaam in het laboratorium van de NV Bataafsche Petroleum Maatschappij in Amsterdam. Na in juli 1940 op wachtgeld te zijn gesteld, hield hij zich zelfstandig, in een door hem opgezet eigen laboratorium, bezig met de fabricatie van zoetmiddelen en geneesmiddelen en met de import van en handel in chemicaliën. Vanaf 1941 verleende hij individueel hulp aan joodse landgenoten. Nadat hij langere tijd vergeefs contact had gezocht met illegale groepen teneinde zich daarbij te kunnen aansluiten – men was huiverig, onder meer omdat hij inzake een ‘zoetstofaffaire’ diverse malen in moeilijkheden was gekomen met de Prijsbeheersing, was gearresteerd en een zeer hoge boete had gekregen – kwam hij in september 1944 in contact met het V-Leger, een in Velsen actieve verzetsorganisatie. Voor deze inmiddels in de BS opgenomen groep verzamelde hij, onder andere in de haven van IJmuiden, enige militaire inlichtingen. Op de avond van 23 februari 1945 werd Smitt in Santpoort in zijn woning aan Wijnoldy Daniëlslaan 33 gearresteerd – samen met V-Leger-medewerker C. Peereboom – door de ‘foute’ politiemedewerkers A. Kipp en J.J. Langendijk en via het Hoofdbureau van politie op 2 maart overgebracht naar het HvB-Weteringschans in Amsterdam. Op 8 maart 1945 werd hij aan de Amsteldijk gefusilleerd. |
|||

