![]() |
Joop Kemper – sedert 1940 student economie aan de Universiteit van Amsterdam – werkte reeds spoedig als koerier voor de OD. In dit verband werd hij in september 1941 aangehouden, enige uren verhoord en weer vrijgelaten. In 1942 was hij, met rechtenstudent L.G. Wolf, oprichter van een verzetsgroep in het Gooi, die vanaf begin 1943 als Vliegende Brigade werd aangeduid. In eerste instantie verleenden de leden hulp aan (vooral joodse) onderduikers, door het verzorgen van adressen, bonkaarten, papieren en geld. Later hield men zich ook bezig met het plegen van sabotage en spionage (speciaal van de kustverdediging) en het verrichten van liquidaties. Spionagerapporten, kaarten en schetsen werden naar Londen verstuurd via de spionagegroep Dienst-Wim, door bemiddeling van A.O.H. Tellegen via de OD en na juli 1943 via L.D. Boissevain van de verzetsgroep CS-6. In maart 1943 voerde Kemper onder Gooise studenten actie tegen het tekenen van de loyaliteitsverklaring. Op 20 augustus was hij betrokken bij de aanslag op de ‘foute’ politiekapitein E.J. Woerts in Bussum, begin september op de Utrechtse hoofdcommissaris van politie, de NSB’er G.J. Kerlen. Op 9 september 1943 werd Kemper tijdens een bijeenkomst in de Jeugdkapel aan de Meentweg in Bussum gearresteerd en overgebracht naar het HvB aan de Weteringschans in Amsterdam. Op 23 oktober 1943 werd hij gefusilleerd. |
|||

