![]() |
Harry Halberstadt – die sedert 1932 gedichten en (onder het pseudoniem Fred van Hall) hoorspelen schreef – begon zijn verzetswerk in 1940 met het verspreiden van losse illegale geschriften en tegen de bezetter gerichte gedichten (o.a. ‘Ballade van het neergeschoten vliegtuig’ en ‘Slavernij’) en novellen (zoals ‘Jan Jacob zoekt den zin van het leven’, zijn laatste werk). Samen met Karl Gröger plakte hij de gedichtjes in Amsterdam op muren en in trams. In 1941 nam hij deel aan de Februaristaking. Vanaf 3 augustus 1942 werd onder zijn leiding het illegale blad Rattenkruid uitgegeven – eerst wekelijks als stencil, later twee-maandelijks gedrukt in een oplage van 200 exemplaren – waarin werd opgeroepen tot verzet en ook praktische aanwijzingen werden gegeven. In totaal verschenen zeventien nummers. Samen met de ‘Rattenkruidjongens’ Bloemgarten en Gröger nam hij op 15 maart 1943 deel aan de aanslag op de spoorlijn bij Amsterdam-Sloterdijk. Halberstadt – zelf half-joods – verschafte onderdak en voedsel aan illegale werkers en (joodse) onderduikers. In maart 1943 nam hij niet deel aan de aanslag op het Amsterdamse Bevolkingsregister, maar werd wel als gevolg hiervan op 12 april 1943 gearresteerd. Door het SS- und Polizeigericht ter dood veroordeeld wegens het vervaardigen van het blad Rattenkruid en zijn aandeel in de spoorwegaanslag, werd hij op 1 juli 1943 gefusilleerd. |
|||

