![]() |
Gerrit Hoffman woonde tijdens de oorlog in zijn ouderlijk huis aan Da Costakade 57 in Amsterdam. Na zijn hbs-diploma te hebben behaald, trad hij in 1940 als kantoorbediende in dienst bij het Gewestelijk Arbeidsbureau. Van zijn inkomen ad ƒ 1566,– per jaar droeg hij – enig kind van zijn ouders: zijn vader was bankemployé bij de Nederlands-Indische Handelsbank, zijn moeder huisvrouw – voor ƒ 600,– bij in het onderhoud van het gezin. Bij het GAB hield Hoffman zich, samen met zijn collega H.J. Eeltjes, vanaf 1943 intensief bezig met het saboteren van de tewerkstelling van arbeiders in Duitsland. Hij deed dit op zo’n grote schaal dat zijn vader zich diverse malen genoodzaakt zag hem tot voorzichtigheid te manen. Daarnaast zorgde Hoffman ervoor dat mannen die in het kader van de arbeidsinzet door de Sipo, de Nederlandse Hulppolitie of tijdens algemene razzia’s op straat waren gearresteerd, met vervalste papieren (met gefingeerde gegevens) een vrijstelling voor tewerkstelling kregen en in vrijheid werden gesteld. Samen met zestien collega’s werd hij op woensdag 10 januari 1945 – vijf dagen nadat een aantal ‘foute’ GAB-medewerkers door het verzet was geliquideerd – op kantoor gearresteerd en in de dagen daarna verhoord. Op 18 januari 1945 werd hij, met tien collega’s, op de Amsteldijk in Amsterdam gefusilleerd. |
|||

