![]() |
Cor Hartog werkte achtereenvolgens als reiziger in Verkade-artikelen en chauffeur-besteller bij de Eerste Haarlemse Stoomwasserij. Na van juni 1941 tot augustus 1942 in Kiel-Hassee (Duitsland) werkzaam te zijn geweest, werd hij als machine-bankwerker tewerkgesteld bij Holland Nautic NV Scheepswerf en Machinefabriek in Haarlem. In deze laatste werkkring pleegde hij sabotage en simuleerde hij vaak ziek te zijn. Na in september 1944 te zijn ontslagen, maakte hij zelfstandig pannenbodems en noodkacheltjes. Vanaf begin 1944 verspreidde Hartog driemaal per week ca. 20 exemplaren van het illegale blad De Waarheid. Ook werd hij lid van een RvV-ploeg onder leiding van J.J.H. van der Haas, die ten behoeve van het verzet overvallen uitvoerde. Nadat vijf leden van de groep, die ook ten eigen bate ‘stuntten’, in de vroege ochtend van 16 februari 1945 waren gearresteerd, werden de namen van andere groepsleden, onder welke die van Hartog, bekend. Diezelfde dag vond in zijn woning aan Waldeck Pyrmontstraat 24-zw in Haarlem door rechercheurs uit Velsen een huiszoeking plaats. Hierbij werden niet, zoals verwacht, wapens aangetroffen, maar wel enige exemplaren van De Waarheid. Hartog werd meegenomen, ingesloten in het HvB in Haarlem en twee dagen later overgebracht naar het HvB-Weteringschans in Amsterdam. Op 7 maart 1945 werd hij op de Dreef in Haarlem gefusilleerd. |
|||

