![]() |
Gerard Degens keerde na zijn pensionering door de Staatsspoorwegen in Nederlands-Indië terug naar Nederland. Vanaf eind 1931 genoot hij een pensioen van het Ministerie van Koloniën van ƒ 437,– per maand. Tijdens het grootste deel van de oorlog was Degens in Hilversum – waar hij met zijn echtgenote op het adres Cameliastraat 18 woonde – actief als administrateur van de Luchtbeschermingsdienst. In de loop van de oorlog begon hij hulp te verlenen aan joodse en niet-joodse onderduikers: door het vervaardigen en verstrekken van valse Ausweise, het waarschuwen voor razzia’s en het op alle mogelijke manieren verzamelen van gelden in het kader van het NSF. Daarnaast verzamelde hij voor Engeland belangwekkende informatie en vervaardigde hij, op grond van deze gegevens, ook kaarten. In samenwerking met de acht jaar jongere koopman/opticien J.H. van Gangelen was Degens aan het einde van de oorlog betrokken bij het in Hilversum vervaardigen en verspreiden van het illegale blad Het Laatste Nieuws, dat in gestencilde vorm in een oplage van 150 exemplaren verscheen. In verband met deze laatste activiteit werd hij, als gevolg van verraad, op 9 januari 1945 gearresteerd en via het politiebureau in Hilversum overgebracht naar het HvB-Weteringschans in Amsterdam. Op 4 februari 1945 werd hij, samen met Van Gangelen en anderen, in Naarden gefusilleerd. |
|||

